S
teunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting

français

Feiten en cijfers

Is er werkelijk een digitale kloof?

Ja. Cijfers bevestigen dat in België nog steeds een digitale kloof bestaat en dat deze een weerspiegeling is van de sociale ongelijkheid. Er is een groot verschil merkbaar in internetgebruik en PC-bezit volgens opleidingsniveau, activiteitsstatus, leeftijd, geslacht en regio. Het is wel positief dat deze kloof kleiner lijkt te worden.

Toelichting:

Volgens de ICT-enquête uit 2007, heeft 24% van de Belgen tussen 16 en 74 jaar nog nooit een computer gebruikt en heeft 29% nog nooit op het internet gesurft.

Een computer is in 67% van de Belgische gezinnen (met minstens één persoon tussen 16 en 74 jaar) aanwezig. In 2006 was dit slechts 57%. Ook bij het gebruik van internet merken we in 2007 een stijging: 60% van de Belgische huishoudens heeft een internetverbinding. In 2006 bedroeg dit 54% en in 2005 50%. Vooral éénoudergezinnen hebben in 2007 geïnvesteerd in de aankoop van een PC en van een internetverbinding.


D
e digitale kloof hangt duidelijk samen met de arbeidssituatie, het opleidingsniveau en de leeftijd.

Zo heeft 34% van de werklozen nog nooit gesurft (in 2006 41%), tegenover 15% van de loontrekkenden (2006: 20%) en 16% zelfstandigen (2006: 20%). Studenten daarentegen zijn bijna allemaal al eens op het internet geweest. 62% van diegenen die niet studeren, werken of werkzoekend zijn, is nooit op het internet geweest (2006: 67%).

Het opleidingsniveau speelt ook een rol: 51% van de laaggeschoolden heeft nog nooit internet gebruikt tegenover slechts 8% van de hooggeschoolden.

De digitale kloof neemt ook toe met de leeftijd: 76% van de bevolking tussen 65 en 74 jaar is nog nooit op het internet geweest, tegenover 5% van de 16 tot 24-jarigen.


Als we kijken naar het relatief aantal mannen en vrouwen dat nog nooit een computer gebruikt heeft, zien we het verschil tussen beide geslachten toenemen met de leeftijd. 45% van de mannen tussen de 55 en 74 jaar en 61% van de vrouwen uit dezelfde leeftijdcategorie gebruikt nooit een computer. Het internet is een nobele onbekende voor 52% van de mannen en 67% van de vrouwen tussen de 55 en 74 jaar. Het verschil tussen beide geslachten blijft ook opmerkelijk als we het opleidingsniveau bekijken: ongeacht het opleidingsniveau scoren mannen beter zowel op het vlak van computergebruik als dat van internetgebruik.


Van de 40% huishoudens die geen internet hebben, vindt de helft dit niet nodig of ongewenst. Dat is ongeveer een zelfde percentage als in 2006. 13% vermeldt daarnaast als reden het feit dat ze elders toegang hebben tot het internet. Driekwart van die huishoudens heeft geen toegang om financiële redenen of omdat de nodige ICT-vaardigheid ontbreekt. 
Er zijn wel opmerkelijke verschillen qua motivering om géén internet in huis te halen naargelang het type gezin. Zo vinden eenoudergezinnen de kostprijs van de apparatuur en de verbindingskost vaker te duur, terwijl gezinnen met twee volwassenen zonder kinderen veel meer het nut van een internetaansluiting betwijfelen.


H
et percentage van de bevolking dat nog nooit een computer heeft gebruikt, ligt hoger in Wallonië (29%) dan in de rest van het land (in Vlaanderen 22% en in Brussel 21%).  61% van de Waalse gezinnen beschikt thuis over een PC. Ook het percentage van de bevolking dat nog nooit op het internet heeft gesurft ligt in Wallonië hoger dan in de rest van het land. De Waalse gezinnen zijn ook minder vaak aangesloten op het internet. In vergelijking met de voorgaande jaren zijn de verschillen tussen de drie gewesten in 2007 echter aanzienlijk verminderd.


Ons land bevindt zich in de Europese middenmoot wat betreft internet
toegang. België scoort daarmee beter dan de Mediterrane landen, maar moet zijn meerdere erkennen in onder andere Nederland (in 2006 80% on line), Denemarken (79% in 2006) en Zweden (77% in 2006). Cijfers van Eurostat tonen aan dat in de periode 2002-2006 de groei verdergezet werd in de Europese Unie.
 

Uit de meest recente cijfers van de EU-SILC enquête die het armoederisico becijfert bij de Belgische bevolking blijkt dat in 2004 bijna 9% van de bevolking over onvoldoende middelen beschikte om een pc aan te schaffen. 22,6% van de personen die onder de armoedegrens leven kunnen zich geen pc veroorloven, t.o.v. 6,5% van de bevolking boven de armoedegrens (bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek (2006), Persbericht EU-SILC 2004). 12,3% van de Belgen woont in een huishouden dat omwille van financiële redenen geen internettoegang heeft (bron: NAPincl 2006-2008: Indicatoren, p. 18).

 

Tabel 12a: Percentage huishoudens (met minstens 1 persoon tussen 16 en 74 jaar) met een PC thuis, volgens gezinssamenstelling en bevolkingsdichtheid, België en gewesten, 2006-2007

  België Brussels Hoofdstedelijk Gewest Vlaams Gewest Waals Gewest
  2006 2007 2006 2007 2006 2007 2006 2007
Alle huishoudens 57 67 57 64 64 72 46 61
                 
Gezinssamenstelling                
één volwassene zonder kinderen 38 47 47 55 42 50 27 39
éénoudergezin 54 70 51 65 68 80 42 63
twee volwassenen zonder kinderen 52 61 60 66 56 63 41 55
twee volwassenen met kinderen 78 86 72 75 84 90 67 83
drie of meer volwassenen zonder kinderen 79 88 82 78 85 92 65 81
drie of meer volwassenen met kinderen 79 91 69 85 87 95 69 86
                 
huishoudens zonder kinderen 51 60 54 60 57 65 39 53
huishoudens met kinderen 74 85 66 75 83 90 63 80
                 
Bevolkingsdichtheid                
in dichtbevolkt gebied 56 66 57 64 63 72 43 57
in middelmatig bevolkt gebied 60 70 - - 65 71 50 67
in dunbevolkt gebied 48 58 - - 60 - 47 58

bron: FOD Economie - Afdeling Statistiek en Economische Informatie (2006), Eerste officiële cijfers over de digitale kloof in België en (2007), ICT-statistieken bij huishoudens

 

Tabel 12b: Percentage van de bevolking (tussen 16 en 74 jaar) dat tijdens de laatste drie maanden de computer heeft gebruikt, naar leeftijd, geslacht, opleidingsniveau en sociale status, België en gewesten, 2006-2007

  België Brussels Hoofdstedelijk Gewest Vlaams Gewest Waals Gewest
  2006 2007 2006 2007 2006 2007 2006 2007
Totaal 67 70 71 72 70 73 60 64
Man 70 74 74 75 74 77 63 68
Vrouw 63 66 69 70 65 69 57 61
                 
Leeftijd                
16-24 jaar 89 92 96 89 94 95 79 88
25-34 jaar 84 84 84 86 87 87 77 78
35-44 jaar 78 83 75 75 82 87 70 77
45-54 jaar 69 71 72 70 74 75 61 63
55-64 jaar 45 52 50 59 47 56 40 42
65-74 jaar 18 22 23 27 21 23 12 19
                 
Opleidingsniveau                
hoog 90 91 88 92 93 94 84 85
gemiddeld 74 77 75 75 78 80 65 72
laag 45 48 52 50 45 49 72 46
                 
Leeftijd en geslacht                
mannen 16-24 jaar 89 93 95 93 95 97 77 86
mannen 25-54 jaar 79 81 78 78 83 84 71 74
mannen 55-74 jaar 42 48 47 53 45 50 35 41
vrouwen 16-24 jaar 89 91 96 87 93 93 82 90
vrouwen 25-54 jaar 75 78 77 78 78 81 67 71
vrouwen 55-74 jaar 26 31 32 40 26 33 22 25
                 
Geslacht en opleiding                
mannen met hogere opleiding 92 93 92 94 95 95 86 89
vrouwen met hogere opleiding 88 89 85 90 92 92 82 82
mannen met gemiddelde opleiding 77 81 74 81 82 83 67 76
vrouwen met gemiddelde opleiding 71 73 76 70 74 76 62 68
mannen met lage opleiding 51 53 56 50 53 56 46 50
vrouwen met lage opleiding 39 43 48 50 37 43 39 41
                 
Sociale status                
student 94 96 97 100 97 97 89 93
loontrekkend 81 84 83 85 84 87 73 77
zelfstandig 82 83 84 86 84 83 75 80
werkloos 55 61 63 61 58 66 50 58
andere 33 36 41 40 34 38 29 32

bron: FOD Economie - Afdeling Statistiek en Economische Informatie (2006), Eerste officiële cijfers over de digitale kloof in België en (2007), ICT-statistieken bij individuen



Tabel 12
c: Percentage van de bevolking (tussen 16 en 74 jaar) dat nog nooit de computer heeft gebruikt, naar leeftijd, geslacht, opleidingsniveau en sociale status, België en gewesten, 2006-2007

  België Brussels Hoofdstedelijk Gewest Vlaams Gewest Waals Gewest
  2006 2007 2006 2007 2006 2007 2006 2007
Totaal 28 24 23 21 25 22 34 29
Man 24 21 20 21 21 18 31 26
Vrouw 31 28 26 22 29 26 37 33
                 
Leeftijd                
16-24 jaar 7 4 3 9 3 2 14 7
25-34 jaar 11 10 10 8 7 7 18 16
35-44 jaar 17 12 21 20 13 9 25 16
45-54 jaar 25 23 23 22 21 20 34 30
55-64 jaar 46 41 43 32 44 38 51 50
65-74 jaar 75 69 67 61 73 69 82 73
                 
Opleidingsniveau                
hoog 7 6 9 4 4 4 12 10
gemiddeld 19 16 17 15 15 14 28 21
laag 49 45 43 44 48 44 51 47
                 
Leeftijd en geslacht                
mannen 16-24 jaar 8 4 4 7 3 0 17 9
mannen 25-54 jaar 16 14 17 16 12 11 24 19
mannen 55-74 jaar 49 45 43 42 47 42 55 52
vrouwen 16-24 jaar 6 5 2 11 4 3 10 5
vrouwen 25-54 jaar 20 17 17 16 16 14 27 23
vrouwen 55-74 jaar 68 61 62 46 66 60 72 66
                 
Geslacht en opleiding                
mannen met hogere opleiding 5 4 6 4 3 3 9 7
vrouwen met hogere opleiding 8 7 12 4 5 6 15 12
mannen met gemiddelde opleiding 17 13 16 12 13 11 27 17
vrouwen met gemiddelde opleiding 21 20 17 18 18 17 29 24
mannen met lage opleiding 42 39 38 44 40 37 47 42
vrouwen met lage opleiding 55 51 47 43 57 51 55 53
                 
Sociale status                
student 4 2 2 0 1 0 8 5
loontrekkend 15 11 14 12 11 9 22 17
zelfstandig 15 14 12 12 13 14 20 14
werkloos 35 29 29 26 34 25 37 32
andere 58 55 48 47 57 54 64 59

bron: FOD Economie - Afdeling Statistiek en Economische Informatie (2006), Eerste officiële cijfers over de digitale kloof in België en (2007), ICT-statistieken bij individuen

 

Tabel 12d: Percentage van de bevolking (tussen 16 en 74 jaar) dat tijdens de laatste 3 maanden internet heeft gebruikt, naar leeftijd, geslacht, opleidingsniveau en sociale status, België en gewesten, 2005-2006-2007

  België Brussels Hoofdstedelijk Gewest Vlaams Gewest Waals Gewest
  2005 2006 2007 2005 2006 2007 2005 2006 2007 2005 2006 2007
Totaal 58 62 67 65 68 72 60 65 69 51 54 60
Man 62 66 70 69 71 74 64 70 73 55 58 64
Vrouw 53 58 63 61 66 69 56 61 66 46 50 57
                         
Leeftijd                        
16-24 jaar 83 86 91 86 96 89 87 93 95 76 73 86
25-34 jaar 74 79 82 79 82 86 79 83 85 63 70 74
35-44 jaar 69 73 79 74 70 76 72 78 84 60 64 72
45-54 jaar 57 64 67 60 69 68 60 68 70 50 54 59
55-64 jaar 36 40 47 42 44 56 38 41 49 30 37 40
65-74 jaar 12 14 19 19 21 25 12 15 21 10 10 15
                         
Opleidingsniveau                        
hoog 84 86 89 87 86 91 88 90 92 75 79 82
gemiddeld 62 68 74 67 73 75 65 72 77 56 59 68
laag 38 40 44 40 48 49 40 41 45 34 37 42
                         
Leeftijd en geslacht                        
mannen 16-24 jaar 83 86 91 86 94 92 87 93 96 76 71 84
mannen 25-54 jaar 69 74 77 74 75 78 72 79 81 62 66 70
mannen 55-74 jaar 32 36 43 40 42 49 33 38 45 27 32 38
vrouwen 16-24 jaar 83 87 91 85 97 86 87 92 94 76 75 88
vrouwen 25-54 jaar 63 69 74 70 74 78 68 73 78 53 59 66
vrouwen 55-74 jaar 19 21 28 25 28 38 19 22 29 16 19 22
                         
Geslacht en opleiding                        
mannen met hogere opleiding 87 89 92 91 90 93 90 91 94 79 84 87
vrouwen met hogere opleiding 81 84 87 82 82 89 86 89 91 71 74 78
mannen met gemiddelde opleiding 65 71 77 68 72 80 68 76 80 58 61 72
vrouwen met gemiddelde opleiding 59 65 70 66 73 70 61 68 73 53 56 65
mannen met lage opleiding 44 46 49 45 50 50 46 49 50 40 41 46
vrouwen met lage opleiding 32 34 39 36 45 49 34 34 39 27 33 37
                         
Sociale status                        
student 93 92 95 95 97 98 98 97 97 23 81 89
loontrekkend 71 75 80 79 80 83 74 79 83 64 65 73
zelfstandig 73 78 81 76 81 85 75 80 81 67 72 77
werkloos 45 51 58 51 60 61 47 54 61 42 46 54
andere 24 29 33 30 38 40 24 29 34 21 26 29

bron: FOD Economie - Afdeling Statistiek en Economische Informatie (2006), Eerste officiële cijfers over de digitale kloof in België en (2007), ICT-statistieken bij individuen

 

Tabel 12e: Percentage van de bevolking (tussen 16 en 74 jaar) dat nog nooit internet heeft gebruikt, naar leeftijd, geslacht, opleidingsniveau en sociale status, België en gewesten, 2005-2006-2007

  België Brussels Hoofdstedelijk Gewest Vlaams Gewest Waals Gewest
  2005 2006 2007 2005 2006 2007 2005 2006 2007 2005 2006 2007
Totaal 39 34 29 31 28 24 37 31 26 45 41 34
Man 35 30 25 28 26 22 33 27 23 40 37 30
Vrouw 43 37 32 34 30 26 40 35 30 49 44 37
                         
Leeftijd                        
16-24 jaar 13 8 5 12 2 10 10 4 2 18 18 8
25-34 jaar 21 16 13 16 14 10 17 11 10 30 25 20
35-44 jaar 26 23 16 20 25 20 23 18 13 34 31 22
45-54 jaar 40 33 29 37 28 26 38 28 26 46 41 35
55-64 jaar 61 56 48 56 52 38 59 55 46 66 60 55
65-74 jaar 87 83 76 78 77 68 86 82 75 89 87 81
                         
Opleidingsniveau                        
hoog 12 11 8 10 12 5 9 7 6 20 17 13
gemiddeld 33 26 21 29 21 20 32 23 18 38 35 26
laag 59 56 51 55 49 47 57 55 50 63 58 52
                         
Leeftijd en geslacht                        
mannen 16-24 jaar 12 9 6 13 4 8 9 3 2 17 20 12
mannen 25-54 jaar 27 22 18 21 21 18 24 17 14 33 30 23
mannen 55-74 jaar 65 60 52 58 55 46 64 59 51 70 64 57
vrouwen 16-24 jaar 14 8 4 12 1 11 11 5 3 19 16 5
vrouwen 25-54 jaar 32 26 21 25 22 18 28 22 18 41 35 28
vrouwen 55-74 jaar 79 75 67 72 69 54 79 75 66 82 78 73
                         
Geslacht en opleiding                        
mannen met hogere opleiding 10 8 6 6 8 5 8 6 5 16 13 9
vrouwen met hogere opleiding 14 12 10 14 15 6 10 8 7 23 21 16
mannen met gemiddelde opleiding 31 24 18 27 22 17 29 19 16 35 34 24
vrouwen met gemiddelde opleiding 36 29 24 30 21 22 35 26 22 41 37 28
mannen met lage opleiding 53 49 45 51 46 45 51 47 44 56 53 46
vrouwen met lage opleiding 66 62 56 60 53 48 64 63 56 70 63 58
                         
Sociale status                        
student 6 6 3 4 2 1 2 1 1 12 14 6
loontrekkend 25 20 15 19 17 14 23 16 12 30 29 21
zelfstandig 24 20 16 21 14 13 22 18 16 31 26 16
werkloos 48 41 34 41 33 31 47 41 31 52 44 38
andere 73 67 62 65 58 52 73 67 62 75 70 66

bron: FOD Economie - Afdeling Statistiek en Economische Informatie (2006), Eerste officiële cijfers over de digitale kloof in België, (2007), ICT-statistieken bij individuen

 

Tabel 12f: Percentage huishoudens (met minstens 1 persoon tussen 16 en 74 jaar) met een internetconnectie thuis, volgens gezinssamenstelling en bevolkingsdichtheid, België en gewesten, 2005-2006-2007

  België Brussels Hoofdstedelijk Gewest Vlaams Gewest Waals Gewest
  2005 2006 2007 2005 2006 2007 2005 2006 2007 2005 2006 2007
Alle huishoudens 50 54 60 48 51 58 56 60 65 41 45 53
                         
Gezinssamenstelling                        
één volwassene zonder kinderen 30 33 40 37 40 48 34 37 43 19 25 31
éénoudergezin 44 48 59 39 47 51 51 59 72 40 38 49
twee volwassenen zonder kinderen 40 47 54 49 54 60 43 49 56 31 40 46
twee volwassenen met kinderen 71 75 80 64 64 71 77 81 85 62 66 74
drie of meer volwassenen zonder kinderen 74 78 84 68 79 78 78 84 88 65 66 76
drie of meer volwassenen met kinderen 78 82 86 55 71 80 86 88 91 73 74 79
                         
huishoudens zonder kinderen 43 47 54 44 48 55 48 52 58 33 38 45
huishoudens met kinderen 69 72 78 58 61 68 76 80 84 61 63 70
                         
Bevolkingsdichtheid                        
in dichtbevolkt gebied 49 52 60 48 51 58 54 58 66 39 41 49
in middelmatig bevolkt gebied 54 58 63 - - - 57 61 65 45 51 58
in dunbevolkt gebied 41 44 50 - - - 51 60 - 40 44 50

bron: FOD Economie - Afdeling Statistiek en Economische Informatie (2006), Eerste officiële cijfers over de digitale kloof in België  en (2007), ICT-statistieken bij huishoudens

 

Tabel 12g: Percentage huishoudens (met minstens 1 persoon tussen 16 en 74 jaar) met een internetconnectie thuis, België en gewesten, EU-15, EU-25, EU-27 en individuele landen, 2002-2006

  2002 2003 2004 2005 2006 2007
EU-27         49  
EU-25     43 48  51  
EU-15 39 43 46 53 54  
België 41     50 54 60***
Brussels Hoofdstedelijk Gewest 48     48** 51** 58***
Vlaams Gewest 41     56** 60** 65***
Waals Gewest 39     41** 45** 53***
Denemarken 56 64 69 75 79  
Duitsland 46 54 60 62 67  
Griekenland 12 16 17 22 23  
Spanje : 28 34 36 39  
Frankrijk 23 31 34 : 41  
Ierland : 36 40 47 50  
Italie 34 32 34 39 40  
Luxemburg 40 45 59 65 70  
Nederland 58 61 65 78 80  
Oostenrijk 33 37 45 47 52  
Portugal 15 22 26 31 35  
Finland 44 47 51 54 65  
Zweden : : : 73 77  
Verenigd Koninkrijk 50 55 56 60 63  
Noorwegen : 60 60 64 69  

bron: Eurostat: datasets en **FOD Economie - Afdeling Statistiek en Economische Informatie (2006), Eerste officiële cijfers over de digitale kloof in België en ***(2007), ICT-statistieken bij huishoudens
 


Tabel 12
h: Redenen om thuis geen internet te hebben, percentage van de Belgische huishoudens met minstens één persoon tussen 16 en 74 jaar, België, 2006-2007

 

alle gezinnen eenoudergezin twee volwassenen zonder kinderen huishoudens zonder kinderen huishoudens met kinderen
2006 2007 2006 2007 2006 2007 2006 2007 2006 2007
om privacy of veiligheid 1 1 1 1 1 1 1 1 0 1
vaardigheid ontbreekt 7 10 7 5 10 13 9 13 3 3
lichamelijke handicap 1 1 0 0 0 1 1 1 0 0
uitrustingskosten te hoog 11 11 25 22 10 9 12 12 10 9
verbindingskosten te hoog 7 8 14 16 6 6 7 8 6 6
internet niet nodig 21 20 13 9 29 28 25 25 8 6
niet gewenst/nodig 23 21 15 9 31 30 28 26 9 7
elders toegang 6 5 7 7 5 4 6 5 5 4
wil geen internet 3 4 3 2 4 6 4 4 2 2
om andere redenen 6 4 5 4 7 5 7 5 3 3

bron: FOD Economie - Afdeling Statistiek en Economische Informatie (2007), ICT-statistieken bij huishoudens

 

Tabel 12i: Percentage van de bevolking dat geen middelen heeft om over een pc te beschikken, onder en boven de armoedegrens, België, 2004

  Totaal Onder de armoedegrens Boven de armoedegrens
Geen middelen over PC te beschikken  8,9  22,6 6,5

bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek (2006), Persbericht EU-SILC 2004

 

Tabel 12j: Percentage huishoudens dat thuis geen internetconnectie heeft omwille van financiële redenen, naar inkomensniveau, België en de gewesten, 2004

  België Vlaams Gewest Waals Gewest
eerste quintiel 27 15,9 29,5
tweede quintiel 14,1 11,2 14,7
derde quintiel 10,6 7,9 13
vierde quintiel 6,1 3,7 10,7
vijfde quintiel 3,9 2,1 8

bron: Belgisch strategisch verslag inzake sociale bescherming en sociale inclusie 2006-2008: Nationaal Actieplan Sociale Insluiting: Indicatoren, p. 147

 

Tabel 12k: Percentage huishoudens dat thuis geen internetconnectie heeft omwille van financiële redenen, naar opleidingsniveau, België en de gewesten, 2004

  België Vlaams Gewest Waals Gewest
laag 16 10,9 19,4
midden 12,4 7,4 16,3
hoog 5,7 2,8 8,4

bron: Belgisch strategisch verslag inzake sociale bescherming en sociale inclusie 2006-2008: Nationaal Actieplan Sociale Insluiting: Indicatoren, p. 147



Laatste aanpassing: 19/02/08